Openingsspeech in de Algemene Ledenvergadering van 25-03-2016 i.v.m. 75 jarig bestaan.

Bij een jubileum hoort een verhaal van hoe het was, hoe het zo gekomen is en hoe het verder ging.
Het heeft wel enige lengte maar duurt geen 75 minuten, dus ga er gerust even voor zitten.

Ik heb geprobeerd een paar boeiende feiten voor u op een rijtje te zetten.
Opvallend is dat de bespreekpunten van tegenwoordig 75 jaar geleden ook al wel eens speelden.
Daarom begin ik circa 100 jaar geleden

De meeste uitvaartverenigingen die toen nog begrafenisvereniging heetten, waren al opgericht.
De aanleiding was vaak dat nieuwe begraafplaatsen vanaf toen buiten het dorp en buiten de stad moesten worden aangelegd en niet meer bij de kerk.
Dat had ook te maken met de epidemieën waardoor soms veel mensen kwamen te overlijden.
De kerken hadden dan ook geen directe taak meer op dat gebied. En ook geen inkomsten overigens.
Er kwam steeds meer wet en regelgeving op het gebied van uitvaarten en er werden soms al bepaalde zaken provinciaal geregeld.
Als ik tussen de regels van de notulen in de eerste paar jaar doorlees zijn de problemen met de bond van lijkenautovervoer één van de redenen om de provinciale bond van begrafenisverenigingen in de provincie Groningen op te richten.
Er waren meer dingen die alle verenigingen aangingen en die men in samenwerking op wilde pakken.
De eerste bestuursvergadering waarvan de notulen bewaard zijn gebleven is gehouden op dinsdag 15 oktober 1940 in café-restaurant “De Faun” aan de Heerestraat te Groningen.
Blijkbaar zijn er eerder vergaderingen geweest, maar daar zijn geen notulen van.
Het eerste reglement was al besproken op een vergadering van 28 september 1940 maar daar zijn geen notulen van bewaard gebleven.
Op de vergadering van 15 oktober 1940 werden diverse brieven behandeld van verenigingen die inlichtingen wilden ontvangen over de provinciale bond, tevens aanmeldingen en ook een brief van de vereniging in Tolbert die geen lid ‘wenschte’ te worden.

Tijdens de oprichting werden er direct al 32 verenigingen lid.
Het overnemen van elkaars leden was een punt van discussie.
Vooral omdat verhuizen op latere (hoge) leeftijd wel eens voorkwam en dat was dan een probleem.
Besloten werd dat men beter lid kon blijven van de eigen vereniging, vooral omdat er verschillende bedragen golden voor de contributie en de kosten van de uitvaart.
Daarna kwamen de problemen aan de orde van personen welke tijdens het werken in Duitsland kwamen te overlijden en op kosten van het ‘Deutsche Reich terug bezorgd’ werden.
Omdat er ’s avonds bijna niet meer gereisd kon worden werd besloten om de bestuursvergaderingen ’s middags te houden vanaf 2 uur.
Tijdens de gehele oorlog zijn er 12 bestuursvergaderingen gehouden.
In de periode 1940 t/m 1942 werden er diverse vergaderingen gehouden met de Provinciale
lijkenvervoer vereniging om te komen tot een samenwerking.

Daarnaast werd er in het begin al gesproken over een landelijke bond. Mocht die er niet komen of als ze niet aan alle eisen van de Federatie zouden voldoen, dan moest er een onderzoek plaats vinden om een blok te maken met Groningen, Friesland en Drenthe.
De Hooge Heren in Amsterdam hadden echter geen behoefte aan een dagelijks bestuurslid uit het hoge noorden en dat was één van de eisen.
Over dit soort dingen ging het tussen oktober 1940 en maart 1943.
Daarna is het bestuur gedwongen ter ruste gegaan tot de eerste vergadering na de bevrijding op 17 november 1945 in Hotel de Beurs te Groningen.
De voorzitter is blij dat alle bestuursleden en hun gezinnen de angstige jaren goed zijn doorgekomen. Het is nog een grote chaos in het land. Maar de federatie heeft de boel al weer op de rit.
De bezetter had kennelijk wel iets geregeld op het gebied van begraven want de voorzitter zegt niet gelukkig te zijn geweest met de in het leven geschopte (zo staat het in de notulen) ondervakgroep Onderling begrafenis bedrijf.

Het federatiebestuur heeft gezegd dat we werkzaam zouden blijven in het belang der Groninger verenigingen, zolang ze niet in strijd kwamen met eer en geweten.
Over de periode 1945 tot 16 september 1970 zijn er geen notulen beschikbaar, kennelijk is er een secretaris geweest die niet alle boeken heeft overgedragen, of iets dergelijks, er is wel eens onderzoek naar gedaan maar tot heden zonder resultaat

Volgens de notulen is de Federatie in 1970 lid geworden van het landelijke NVU.
Ook zijn er vanaf dat jaar in de provincie Groningen in 5 rayons rayonvergaderingen gehouden.
Dat gebeurde in Loppersum, Winsum, Zuidhorn, Scheemda en Stadskanaal.
Het NVU had op enig moment nieuwe statuten gemaakt, wat tot gevolg had, dat er een aantal verenigingen een andere landelijke bond hebben opgericht.

In 1972 heeft de Federatie alle gemeentebesturen van de provincie Groningen bericht gedaan over urnenmuren, urnenvelden etc. op de begraafplaatsen.

In 1973 wordt de contributie van het NVU verhoogd van f 2,50 naar f 3,50. per uitvaart.
Het gevolg hiervan is dat de contributie van de Federatie wordt verhoogd van f 0,10 naar f 0,12 per lid van de aangesloten verenigingen.
Soms was het een strijd om de contributie te verhogen met een halve cent.
U merkt wel er is niet veel nieuws onder de zon, Nog steeds is de contributie van Nardus per uitvaart en van de federatie per lid.

In 1974 is er onvrede over het bureau, die als secretariaat fungeert voor het NVU. Mocht dit niet tot een betere samenwerking komen, dan wordt op de aankomende jaarvergadering van het NVU voorgesteld om met dit bureau te breken.
De bestuursvergadering van 22 oktober 1974 wordt heel kort gehouden. Alleen de notulen van de vorige vergadering worden gelezen, er wordt een summiere toelichting op de begroting van het NVU gegeven en de agenda van het NVU wordt doorgenomen want er zou op die dag een heel belangrijke TV plaatsvinden. Zo te lezen staat het landsbelang op het spel, sterker nog het belang van Nederland in Europa.
Ik heb het opgezocht en het klopt, Feyenoord moest voetballen tegen FC Barcelona in het kader van de Europacup. Kruyf speelde voor Barcelona en van Hanegem voor Feyenoord.
Voor zover ik kon vinden is het 0-0 geworden.

De NVU geeft door dat het secretariaat met ingang van 1 januari 1975 naar bureau de Have in Delft gaat bij NVU bestuurslid Ton de Haan.
In 1975 wordt door Gemeente Niekerk gelden beschikbaar gesteld voor de aanleg van een urnenveld met columbarium.
1976 er wordt besloten tot een Contributieverhoging naar f 0,16 per lid.

In 1977 ontvangt de federatie een uitnodiging voor de opening van de nieuwe aula in Nieuwe Pekela, welke met een bezoek vereerd wordt en beloond met een bloemetje.
1978, De ontwikkeling van een kartonnen lijkkist wordt met argusogen gevolgd. deze wordt niet acceptabel geacht en zal niet gauw in het Noorden ingeburgerd raken.
In 1981 wordt de kartonnen kist afgeserveerd, omdat ze niet aan de normale eisen kunnen voldoen.
1982 De contributie blijft de gemoederen bezighouden, voorgesteld wordt de contributie per gezin of alleenstaande te verhogen van 18 naar 20 cent en de minimum afdracht van 25 naar 30 gulden.

Een vereniging vraagt advies of het wenselijk is om een drager aan te trekken, die wegens rugklachten afgekeurd is. Het advies van de Federatie is om die persoon niet in dienst te nemen om moeilijkheden met de ongevallenverzekering te voorkomen.

Door de vereniging Blijham wordt de vraag gesteld, wat voor gevolgen er kunnen ontstaan, als de aula afbrandt terwijl er nog een stoffelijk overschot aanwezig is. Dit probleem werd op de NVU vergadering besproken. Ik heb nog even gezocht maar niet kunnen vinden wat aan de vereniging van Blijham is geantwoord. Deze vraag is opnieuw gesteld in 2012 aan Mr. Frank Mutters die regelmatig in het Blad Uitvaart problemen aan de kaak gesteld, maar waar tot op heden ook nog geen antwoord op is verkregen, zelfs niet na herhaaldelijke herinneringsmailtjes.
In 1986 doet het Federatiebestuur het voorstel om de contributie te verlagen met 2 cent.
De leden gaan hiermee niet akkoord en verlangen een verlaging van 5 cent.

Nieuwe secretaris, nieuwe wetten.
De nieuwe secretaris stelt voor om de notulen niet meer voor te lezen op de vergadering, maar een kopie een week voor de vergadering naar de bestuursleden te sturen.
Om dit verhaal te kunnen schrijven heb ik in de notulenboeken gezocht naar besluiten over het 25 en 50 jarig jubileum. 25 jaar viel in de periode waarvan geen notulen beschikbaar zijn, over de viering van het 50 jarig jubileum op vrijdag 28 september 1990 was wel iets te vinden.
Op 18 dec 1989 wordt besloten ivm het 50 jarig bestaan een receptie te houden in gebouw Elim in Hoogkerk, met het gezelschap “Teresse Jamin” ¹ ter opluistering.
Ik heb gezocht naar de diepere betekenis van deze uitdrukking, maar kon het niet vinden, volgens mij betekend het gewoon iets lekkers bij de koffie of thee. Maar het kan ook iets anders zijn geweest in latere notulen staat dat het gezelschap goed overkwam.
Het was een leuk feest, om drie uur waren de bestuursleden van de federatie aanwezig om gezellig koffie te drinken en een borreltje te nuttigen om daarna plaats te nemen aan een koud buffet.
Om half acht worden de eerste gasten verwacht. De voorzitter zal een openingswoord spreken en de secretaris maakt een overzicht van de gebeurtenissen in de afgelopen 50 jaar.
Dat overzicht zal toen zijn voorgelezen, vermoedelijk is dat in bewerkte vorm op onze website terecht gekomen, daar heb ik dan ook dankbaar gebruik van gemaakt.
In de jaren daarna zijn heel veel dingen aan de orde geweest.
Maar eerst, ik zou nog terugkomen op de bond van lijkenautovervoer, een deel van het werk van deze bond werd voortgezet in wat we nu kennen als het CMO cura mortu orum, zorg voor de doden, werkzaam in de ziekenhuizen. In 1996 kregen we de Privatisering van de mortuariums in de ziekenhuizen.
Er is een rechtszaak tegen de ziekenhuizen aanhangig gemaakt door Algemeen Belang Groningen en Boerhaavelaan. Omdat de Federatie hier ook belangen in heeft, betaalde de Federatie ook een gedeelte van de gerechtskosten mee.
Er wordt tot het jaar 2000 tot aan de Hoge Raad geprocedeerd, maar het (nieuw opgerichte) CMO wordt in het gelijk gesteld ( dat is tenminste de interpretatie van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen).
In dat jaar worden er ook afspraken gemaakt voor de maximale kosten voor bepaalde noodzakelijke handelingen welke het CMO mag maken voor de mortuale zorg.
Tevens is aangegeven , dat er wel onderscheid gemaakt moet worden tussen noodzakelijk en wenselijke handelingen.
Verder was er veel herhaling van feiten uit het verleden, vereniging werven om lid te worden van de federatie. Verenigingen helpen leden te werven.

Nieuw elan kwam door de inbreng van Freek Pera, daardoor is de Commissie van Aanbeveling ontstaan en zijn we anders gaan werken, zo heb ik dit ervaren.
Voordat we er aan toe waren zijn ideeën als beleid in te voeren is Freek helaas overleden.
We hebben geprobeerd zijn ideeën te verwerken in de werkwijze, het ging erom dat ze vanuit de basis komen, daar komt de belangrijkste inbreng vandaan, daar behoren nieuwe voorstellen duidelijk gepresenteerd te worden, anders verlies je het contact met de mensen waar het echt om gaat.
In de verenigingen moet het gebeuren, daar moet beleid landen en uitgevoerd worden.

Het lijkt vaak of er allerlei dingen van bovenaf worden opgelegd met name vanuit Nardus.
Het gaat erom dat de gevolgen van wet en regelgeving vanuit de overheid en vanuit Europa vergaande gevolgen heeft voor verenigingen en stichtingen die gelden van leden beheren.
En dat doen de uitvaartverenigingen.
De Nardus gedragscode uitvaartzorg en de komende gedragscode uitvaartfinanciering zorgen ervoor dat de verenigingen toekomstbestendig zijn, of het allemaal lukt is de vraag.
U hebt daarover in de pers kunnen lezen dat Nardus zich grote zorgen maakt over Solvecy II basic.
Zoals het nu lijkt kan geen enkele uitvaartvereniging daaraan voldoen.
Nardus is daarom bezig 2e Kamerleden goed te informeren wat de gevolgen zijn van invoering van voorgenomen beleid. Er is goede hoop op aanpassing van het beleid.
Maar zover is het nog niet, laten we positief blijven ondanks donkere wolken aan de horizon.
’t Komt vast wel goud.

Ik dank U

Dhr. T. Penninga

¹ “Teresse Jamin” is niet iets lekkers bij de thee maar het destijds bekend Jazzgezelschap, met een iets andere naam.